Vrijmetselarij Loge Vincent la Chapelle


Ga naar de inhoudsopgave

Geschiedenis

Meer informatie > Wikipedia

De op de volgende pagina's vermelde tekst komt van Wikipedia en vertegenwoordigt niet de mening van de loge Vincent la Chapelle of de Orde van Vrijmetselaren, maar dient slechts als informatieoverdracht.

De voorgeschiedenis van de vrijmetselarij is speculatief. Bekend is de band met de oorspronkelijk Engelse en Schotse steenhouwersgilden die met afspraken en gebaren hun beroep afschermden. Diezelfde steenhouwers hanteerden reeds de verwijzing naar de tempel van Salomo of de ark van Noach [bron?]. Later hebben mensen van buiten het beroep die gebruiken overgenomen en aangevuld met bijdragen uit het christendom, het jodendom en het soefisme. Slechts vanaf het begin van de 18e eeuw, en in elk geval vanaf 1717 kan enige objectiviteit in de geschiedenis van de vrijmetselarij worden geschetst. De band met middeleeuwse kathedraalbouwers en mystici is een mythe evenals die met de joodse kabbalah [bron?].

Aan het einde van de 15e en het begin van de 16e eeuw ontstaan in Engeland en Schotland een aantal verenigingen die regelmatig samenkomen om te vergaderen. Vooral in Schotland was dit populair omdat de Schotse reformatie elke vorm van gezelligheid en verenigingsleven uit de godsdienstbeleving verbannen had. Deze vergaderingen hebben enerzijds een sociaal en gezellig karakter. Anderzijds hebben deze vergaderingen een inhoudelijk of filosofisch karakter. Men komt samen rond een bepaald inhoudelijk thema. Burgers en notabelen met veel tijd en geld wensen zich te profileren en te ontplooien.

Deze samenkomsten worden tevens gekoppeld aan vormelijke elementen. De vrijmetselarij gebruikt vormen die semantisch verwijzen naar de architecten en steenhouwerssymboliek, zoals die in de middeleeuwen was gegroeid. Dit noemt men speculatieve vrijmetselarij. Tezelfdertijd overigens waren gelijkwaardige verenigingen actief rond andere symbolische thema's, bijvoorbeeld tabak. Deze bestaan vandaag de dag niet meer, of zijn veel minder bekend.

Dat deze speculatieve vrijmetselarij in continuÔteit staat met de middeleeuwse bouwgilden wordt betwist omdat de draad zeer dun is en regelmatig onderbroken. Voorstanders van deze stelling beroepen zich op het bestaan van Schotse documenten, die dit afdoende zouden aantonen. Tegenstanders hebben kritische opmerkingen over de bewijswaarde en doorwerking van deze spaarzame documenten. Speculaties aangemoedigd door pseudohistorici zijn echter troef. Aldus kan men in het beste geval slechts voor Schotland stellen dat de speculatieve vrijmetselarij werkelijk afstamt van de operatieve vrijmetselarij. Het gildewezen was op het Europese continent veel eerder verdwenen en stond zelfs in de achttiende eeuw in een kwalijke ouderwetse geur.

Op 24 juni 1717 besloten vier speculatieve vrijmetselaarsloges, die alle in Londen hun werkterrein hadden, zich te verenigen in een overkoepelende organisatie, de Grand Lodge of London. Hierbij speelde de Franse Hugenoot John Theophilus Desaguliers een belangrijke rol. Enkele jaren later werden de regels dan ook geŁniformiseerd en gecodificeerd. De vrijmetselarij won aan succes, en groeide gestadig.

De Brit James Anderson stelt in 1723 de grondregels vast in zijn boek The Constitutions of Freemasonry. Deze grondregels zijn gebaseerd op de zogenaamde Old Charges (de Oude Plichten) en zijn compilatie van oude constituties en regels van operatieve loges. De constitutie was aldus een versmelting van de Gotische constitutie uit 1390, de Cooke-constitutie uit 1410, de Nigo Jones-constitutie uit 1607 en de Wood-constitutie uit 1610. Deze zijn razendsnel de bijbel van de vrijmetselarij geworden. Nu kan de verspreiding van de vrijmetselarij over Engeland (1717), Ierland (1725), Schotland (1736), de Britse kolonies en het Europese continent beginnen. Deze laatste begint in Frankrijk (1726) en de Nederlanden.

In Frankrijk ontstaat de vrijmetselarij onder invloed van Charles Radclyffe te Parijs. De Franse obediŽntie, de Grand Orient de France, werd onafhankelijk van de Engelse Grootloge onder het grootmeesterschap van Hertog díAntin.

Ook in Nederland schiet de vrijmetselarij wortel vanaf 1730. Ze verspreidt zich eerst in het Westen van het land, en met de komst van L'Union Provinciale in 1772 ook in Noord-Nederland[6].

In de eerste helft van de 18e eeuw veroordeelde de Katholieke Kerk de vrijmetselarij. Zij verbood aan de katholieken om lid te worden van de vrijmetselarij, op straffe van excommunicatie.[7] Dit was het begin van een onafgebroken twist tussen de vrijmetselarij en de Rooms-Katholieke Kerk, die tot op heden bestaat. Evenwel bleven bijvoorbeeld gedurende de eerste honderd jaar katholieke geestelijken lange tijd actief in de vrijmetselarij omdat het kerkelijk verbod niet wereldlijk werd afgedwongen. In de 20e eeuw werden opnieuw katholieke clerici ingewijd [bron?].

Tijdens de Franse Revolutie stonden vrijmetselaars in twee kampen: Jean-Paul Marat was vrijmetselaar, Maximilien de Robespierre niet. Lafayette, aanvankelijk aanhanger van de revolutie, later weer niet, was ook vrijmetselaar en overleefde alles. Condorcet en de grootmeester van het Grand Orient de France werden geguillotineerd. Edmund Burke, een Schotse vrijmetselaar bestreed de Franse Revolutie. Thomas Paine, evenals Burke een belangrijk denker van het liberalisme, was in eerste instantie een aanhanger van de Franse Revolutie die uiteindelijk echter ternauwernood aan de guillotine ontsnapte.

In alle totalitaire regimes werden de loges opgeheven en de leden vervolgd [bron?]. In 1951 werden in RoemeniŽ vrijmetselaars om hun overtuiging door de communisten terechtgesteld. Dit gebeurde ook onder het Nationaalsocialisme waarbij de vrijmetselarij verdacht gemaakt werd als een volksvijandig element en afgedaan werd als een geheime joodse samenzwering tegen het Duitse volk (1933-1945). Het VNV sprak zich voor en onder de oorlog uit tegen de vrijmetselarij.

De Vlaams Belang-kringen houden die traditie in ere en wijzen daarbij naar de grote vermeende numerieke aanwezigheid van Franstalige vrijmetselaars en de daarbij horende vermeende grote invloed in de Belgische magistratuur om hun veroordeling tot racisme te verklaren.



Bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/Vrijmetselarij (25 februari 2011)
Loge Vincent la Chapelle aanvaart geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden op deze pagina.



Terug naar de inhoudsopgave | Terug naar het hoofdmenu